
WILLEMSTAD – Een patiënt die een arts zwaarder wil laten bestraffen, kan daar in Curaçao niet tegen in hoger beroep als al een maatregel is opgelegd. Dat heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie geoordeeld in een zaak tegen chirurg Michel Berry die na een operatie fouten had gemaakt.
De zaak draait om een vrouw die na een operatie uiteindelijk een nier verloor en behandelend chirurg Michel Berry daarvoor verantwoordelijk hield. Het Medisch Tuchtcollege oordeelde eerder dat de arts tekort was geschoten in de informatievoorziening na een scan, wat leidde tot vertraging in de diagnose en behandeling. Berry kreeg daarvoor een waarschuwing opgelegd.
De patiënte ging in hoger beroep en eiste een zwaardere maatregel, zoals een schorsing of beroepsverbod. Volgens haar was de klacht bovendien niet eerlijk en onpartijdig behandeld. Het Hof verklaart haar echter niet-ontvankelijk. Volgens de rechters staat de wet geen hoger beroep toe voor klagers als er al een maatregel is opgelegd.
Ook een beroep op het recht op een eerlijk proces, zoals vastgelegd in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, biedt geen uitweg. Het Hof oordeelt dat dit recht in deze tuchtprocedure niet rechtstreeks van toepassing is, omdat het niet gaat om het vaststellen van burgerlijke rechten of plichten van de klager.
Beperkte rechtspositie patiënten
Met de uitspraak bevestigt het Hof een strikte grens in het medische tuchtrecht. Patiënten hebben slechts in uitzonderlijke gevallen toegang tot hoger beroep en kunnen een opgelegde maatregel in principe niet laten verzwaren. Daarmee ligt de nadruk van het tuchtrecht niet op genoegdoening voor de patiënt, maar op normhandhaving binnen de beroepsgroep.
Die systematiek betekent dat zelfs in zaken met ingrijpende gevolgen, zoals in dit geval het verlies van een nier en blijvende arbeidsongeschiktheid, de mogelijkheden voor verdere juridische stappen beperkt blijven. Het Hof erkent dat de behandeling tot vertraging en langdurige onzekerheid heeft geleid, maar ziet daarin geen grond om het appelverbod te doorbreken.
Spanningsveld met recht op eerlijk proces
De uitspraak legt een spanningsveld bloot tussen nationaal tuchtrecht en internationale rechtsbescherming. Waar artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens doorgaans toegang tot een rechter en een eerlijk proces garandeert, oordeelt het Hof dat dit hier niet geldt. De tuchtprocedure is volgens de rechters niet gericht op de rechten van de patiënt, maar op het handelen van de arts.
Daarmee bevestigt het Hof dat het medische tuchtrecht in het Caribisch deel van het Koninkrijk een eigen, beperkte rechtsgang kent, waarin de positie van klagers ondergeschikt is aan het disciplinaire karakter van de procedure.
De uitspraak kan gevolgen hebben voor toekomstige klachtenprocedures. Patiënten die ontevreden zijn over de uitkomst van een tuchtzaak hebben slechts beperkte mogelijkheden om die beslissing aan te vechten, ook wanneer zij vraagtekens zetten bij de eerlijkheid van de procedure.


































